Oefen kommagetallen online of print een werkblad met antwoordblad. Optellen en aftrekken, keer en gedeeld door 10, 100 en 1000, afronden en kommagetallen vergelijken. Elke keer nieuwe sommen.
Kommagetallen werkblad maken
Kies het soort sommen. Oefen direct online en kijk het na, of print het werkblad met antwoordblad.
Typ alleen het getal. Een kommagetal typ je met een komma: 2,5. Bij delen met rest typ je bijvoorbeeld 7 rest 3.
Zo werkt het
- Kies het soort sommen, of kies een mix.
- Vul de antwoorden in en klik op Nakijken. Goede antwoorden worden groen, foute rood.
- Liever op papier? Klik op Print / opslaan als PDF. Het antwoordblad komt op een aparte pagina.
Uitleg: rekenen met kommagetallen
- Wat betekent de komma? Achter de komma staan de delen van een heel. In 3,75 staat de 7 voor 7 tienden en de 5 voor 5 honderdsten.
- Optellen en aftrekken: zet de komma’s onder elkaar. Vul zo nodig aan met een nul: 5,7 − 2,99 wordt 5,70 − 2,99 = 2,71.
- Keer 10, 100 en 1000: de komma schuift 1, 2 of 3 plaatsen naar rechts. 2,35 × 100 = 235.
- Gedeeld door 10, 100 en 1000: de komma schuift naar links. 47 : 100 = 0,47.
- Vergelijken: kijk eerst naar de hele getallen, dan naar de tienden, dan naar de honderdsten. 0,5 is groter dan 0,45, want 5 tienden is meer dan 4 tienden.
Kommagetallen per groep
In groep 6 leren kinderen wat kommagetallen zijn, meestal via geld en meten. In groep 7 volgen optellen, aftrekken, keer een getal en afronden, en in groep 8 komt alles samen, ook in verhaaltjessommen.
Veelgestelde vragen
Is 2,50 hetzelfde als 2,5?
Ja. Een nul aan het eind achter de komma verandert de waarde niet. Bij geld schrijf je vaak twee cijfers achter de komma, zoals € 2,50.
Meer oefenen
- Procenten oefenen
- Breuken oefenen, ook breuk naar kommagetal
- Meten en omrekenen
